Artikel uit uitgave 4, 1999

Deze vraag mag nu wel eens gesteld worden, tien jaar na de oprichting van onze vereniging. In ons clubblad is voorzover ik heb kunnen nagaan nooit ingegaan op deze oervraag. Ik wil een poging doen een antwoord te geven. Voordat ik aan de fietsen toekom wil ik eerst stilstaan bij verzamelen in het algemeen.

Over de psychologie van de verzamelaar is reeds het nodige geschreven. Het verschijnsel raakt aan onze oorsprong als verzamelende wezens die in vroeger tijden door het bijeenbrengen van voedsel en andere nuttige zaken in staat waren onder moeilijke omstandigheden te overleven. Nu deze primaire drijfveer niet meer van toepassing is moeten er andere motieven in het spel zijn. Gesteld wordt wel dat het bijeenbrengen van allerlei materiele goederen de mens in deze tijd een bepaald gevoel van zekerheid geeft in een tamelijk complexe wereld, waarin het soms niet eenvoudig is houvast te vinden. Een ander motief is pure bezitsdrang, al dan niet vanuit de overweging om geld te verdienen. Voor een aantal verzamelaars speelt het motief om een waardevolle collectie cultuurgoederen voor het nageslacht bijeen te brengen.

Tenslotte speelt bij het verzamelen van oude spullen ook de romantiek een rol. Oude gebruiksvoorwerpen herinneren aan oude, al dan niet betere tijden. Deze ‘hang naar het oude’is op veel terreinen te zien en contrasteert met de kenmerken van de moderne tijd. Wellicht bieden oude spullen compensatie voor de onbekendheid en onzekerheid van de huidige samenleving?

Hoe het ook zij, mensen hebben motieven om een verzameling aan te leggen, maar waarom nu juist oude fietsen ?

Waarom oude fietsen?
Deze vraag wordt u wellicht met enige regelmaat, soms met niet-geveinsde verbazing, gesteld. De volgende zaken zijn mijnsinziens van belang.

a. techniek
Hoewel de basistechniek van de fiets inmiddels een eeuw dezelfde is, is de echte liefhebber mateloos geboeid door de ontwikkeling van de technische details. Frame, stuur, naven, zadels, verlichting, lak, biezen, transfers en zelfs spaken hebben een grote variëteit laten zien. De gemiddelde leek zal het absoluut niet opvallen maar de ware liefhebber kan watertanden bij een hoog opgebogen nikkelen stuur met gave remhandles uit de jaren ’20. Je moet het zien!

b. vormgeving
Pure schoonheid, voor wie er oog voor heeft ! De fraaie geometrie van een hoog Gazelle kruisframe of het Locomotief mixte-frame uit de jaren ’50 blijft een streling voor het oog. De sensuele vorm van de grote koplampen uit de jaren ’30 of de mooie kleuren grijs, petrol en anthraciet van Fongers uit de jaren ’50 kunnen de echte collectionneur in vervoering brengen. Ook hier geldt dat schoonheid ‘in the eye of the beholder’is. Wie het niet kent ziet het niet. De echte ‘freak’ ontwikkelt een soort zesde zintuig voor mooie vormgeving en weet vaak in een oogopslag het kaf van het koren te onderscheiden.

c. de fiets als gebruiksartikel
Kenmerk van de fiets is dat het een vervoermiddel is voor dagelijks gebruik. Voor de verzamelaar/restaurateur is het van belang dat de oude fiets het weer doet en net zo te berijden is als vroeger. De oude gebruikswaarde wordt weer in ere hersteld, soms ten koste van vele inspanningen. Het gevoel op een mooie oude fiets, in goede conditie, te rijden is een ervaring op zich. Dit maakt ook dat toertochten met oude fietsen altijd populair zullen blijven. De fiets blijft daarbij een van de meest efficiënte, door de mens aangedreven machines.

Wat onderscheidt ons van andere verzamelaars?
In de kern niet zoveel. De fiets is een gebruiksartikel dat een wezenlijk onderdeel vormt van de Nederlandse cultuur. Het alledaagse, bijna laag-bij-de-grondse karakter van de fiets maakt misschien dat onze kring zo klein is in vergelijking met liefhebbers van andere oude gebruiksartikelen (auto’s, motoren, postzegels). Aan fietsen is geen heroïek verbonden, enkele topprestaties van wielrenners daargelaten. Het blijft niettemin opvallend dat maar relatief weinigen daadwerkelijk door de oude fiets gegrepen zijn. Het gaat dan overigens ook bijna altijd om mannen.

Wat is ons perspectief ?
Deze vraag is niet eenvoudig te beantwoorden. Wel valt op te merken dat inmiddels al zo’n 100 jaar oude fietsen worden verzameld in Nederland, waarbij het aantal verzamelaars de laatste jaren zeker niet kleiner is geworden. Er zijn enkele uitgebreide en zeer waardevolle collecties in het land (meestal in musea), terwijl er nog steeds interessant oud materiaal wordt gevonden. Met nieuwe communicatiemiddelen als Internet is ook het contact met internationale verzamelaars een stuk makkelijker geworden, inclusief de toegang tot kennis en informatie (bijvoorbeeld over merken en modellen). Anderzijds valt er nog genoeg te doen. Belangrijkste tenslotte is dat de liefhebber van oude fietsen er zelf plezier in houdt. Het contact met collega’s op dit gebied is meestal een belangrijke stimulans. Enthousiasme is ook het beste vehikel om nieuwe liefhebbers te werven !

Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven. Reacties hierop zijn welkom !

Jos Rietveld
november 1999