nlen

Websites over historische Nederlandse fietsen

Rijwiel.net  Dé toonaangevende site met info over heel veel fietswaardigheden en merken
Burgers-ENR.net  De site over Burgers (Eerste Nederlandse Rijwielfabriek), Deventer
Fongers.net  De site over Fongers, Groningen
Mustangrijwielen.nl  De site over Mustang, Assen
Transportfiets.net  Alles over transportfietsen 
Antique-bicycles.net   De site over safeties en hoge bi's 

 Andere verenigingen voor liefhebbers van oude fietsen

Historische Fietsgroep Noord De noordelijke leden van De Oude Fiets hebben een eigen website
Veteran-Cycle Club De Engelse vereniging, al in 1955 opgericht 
Historische Fahrräder e.V. De Duitse vereniging
D'antieke velokes Vlaamse vereniging voor liefhebbers van historische fietsen.
Velo-Veteranen Club Schweiz Zwitserse club van circa 50 fietsliefhebbers.
Cykelhistoriska Föreningen De Zweedse vereniging, met een gedeeltelijk Engelstalige website.
Vanhat Velot De Finse vereniging.
The Wheelmen Organisatie van fietsenverzamelaars uit de Verenigde Staten.

 Musea

Velorama Het grootste Nederlandse fietsmuseum in Nijmegen.
Deutsches Fahrradmuseum Groot fietsmuseum in Bad Bruckenau, Duitsland.
Danmarks Cykelmuseum Groot fietsmuseum in Aalestrup (Denemarken).
Bicycle Museum of America Fietsmuseum in Ohio, USA.

 Meer interessante links vind je in ons forum.

 

Batavus

batavusIn 1904 begonnen als assemblagebedrijf, kreeg Batavus in 1917 een eigen fabriek in Heerenveen. Het bedrijf maakte een klein assortiment weinig opvallende fietsen en bleef vooral een lokale fabrikant, zoals er vóór 1940 vele tientallen waren. Pas in de jaren ‘50 kwam er stevige groei, met bromfietsen en opvallende sportfietsen. Al snel werd Batavus toonaangevend op dit gebied, in de jaren ‘60 volgden vouwfietsen en deelfietsen. Het begin van een bloeiperiode, waarbij het bedrijf vele anderen wist over te nemen. Frames bouwt men niet meer zelf, maar de fabriek in Heerenveen draait nog prima.

Burgers

burgersBurgers uit Deventer was ook de ENR: de Eerste Nederlandse Rijwielfabriek. Het bedrijf dat in 1869 begon, was ook echt de eerste in Nederland. Burgers bouwde alle soorten fietsen, van hoge bi tot cardanfiets en kruisframe. De fietsen waren van topkwaliteit, redelijk geprijsd en hadden altijd herkenbare details, zoals de karakteristieke spatborden met een ‘gleuf’ in het midden. Na 1945 bouwde Burgers nog brommers en sportfietsen, maar de handel liep niet goed. In 1961 sloot de fabriek. Burgers fietsen van na die tijd dragen wel de naam, maar worden niet meer in Deveter gemaakt.

Fongers

fongersHet Groningse merk Fongers begon al in 1884, maar vanaf 1897 werden de zaken groots aangepakt. Het bedrijf volgde de laatste (Engelse) stand van de techniek en leverde topkwaliteit. Opvallend is dat Fongers na die eerste topjaren niet veel meer innoveerde. Modellen werden jaar na jaar bijna ongewijzigd doorgebouwd en zijn dus zeer herkenbaar. Na 1945 was Fongers een door en door conservatief merk. Door uitgekiende promotie wist het merk zich lange tijd bovenaan de markt te handhaven, tot de fusie in 1961 met Phoenix en Germaan. In 1970 sloot de Groningse fabriek haar deuren. 

Gazelle

gazelle

Gazelle in Dieren bouwde in 1902 de eerste fietsen en groeide door een combinatie van kwaliteit en een heel breed programma uit tot een van de grootste Nederlandse fabrieken. Het bedrijf maakte heel veel onderdelen zelf, zoals trommelremmen en drie-versnellingsnaven. Veel andere merken kochten die zaken in. Na 1945 groeide Gazelle uit tot de grootste Nederlandse fabriek. Gazelle maakte zeer goede fietsen, volgde de markt en begreep de kracht van reclame. Ondanks de overname in 1971 door Raleigh bleef het merk bestaan. Sinds 2001 is de fabriek in Dieren weer in Nederlandse handen.

Magneet

Rond 1900 begonnen twee Amsterdamse ijzerhandelaren ook in fietsen te handelen.
In 1923 starttemagneetn zij een eigen fabriekje, waarbij hun merknaam ‘The Magnet’ al snel veranderde in Magneet. na een brand verhuisde het bedrijf in 1928 naar Weesp. In 1934 had Magneet de eerste Nederlandse professionele wielrenploeg en al snel kwamen er sportfietsen naar buitenlands voorbeeld. Die sportfietsen bezorgden Magneet veel succes in de jaren ‘50 en ‘60. Ondanks de goede zaken kon het kleine Magneet niet zelfstandig blijven; Batavus nam in 1969 de productie over en in ‘76 werden ook de resterende handelsactiviteiten stopgezet.

Phoenix

phoenixDe Phoenix fietsenfabriek begon in 1904 in Joure, maar verhuisde al snel naar Leeuwarden. Phoenix bouwde degelijke rijwielen en kwam af en toe met verrassende zaken, zoals de Mutaped drieversnellingsbak in de bracket. Na 1945 werden de hoekige spatborden en voorvorkkroon typische stijlelementen. Phoenix draaide goed en kocht begin jaren ‘60 Fongers en Germaan op om samen PFG te vormen. Ook dat merk werd nog goed verkocht, maar in 1970 volgde overname door Batavus en dat was het einde voor de fabriek in Leeuwarden. 

RIH

rihIn 1921 begonnen de gebroeders Bustraan in Amsterdam met het produceren van hun eigen wielrenfietsen. Ze waren ervaren wielrenners en wisten goede frames te bouwen. Deze konden met diverse componenten worden opgebouwd. Echt groot werd RIH nooit, maar naast racefietsen kwamen er in de jaren ‘60 ook sportieve fietsen voor dames en heren. Deze werden gebouwd bij Fongers en sinds 1972 door Cové in Venlo. Op kleine schaal is in Amsterdam de productie voortgezet en Wim van der Kaaij bouwde daar tot juni 2012 de echte RIH stalen racefietsen.

Simplex

simplexSimplex bouwde de eerste fietsen in 1890 in Utrecht. Zes jaar later verhuisde de fabriek naar Amsterdam. Het merk introduceerde bijvoorbeeld het cycloïde lager, dat een zeer licht lopende fiets opleverde. Later kwam er een eigen trommelrem. Het droeg allemaal bij aan een uiterst degelijke fiets, die een leven lang mee kon. Vooral de kruisframes van Simplex zijn nu bekend, maar de fabriek maakte in de jaren ‘50 en ‘60 ook veel sportfietsen. In 1952 fuseerde Simplex met Locomotief. In ‘65 verhuisde de productie naar Juncker in Apeldoorn. Die fabriek sloot in 1971.

Sparta

spartaSparta bestond al als ‘plakmerk’, toen groothandel Verbeek en Schakel in Apeldoorn in 1920 zelf fietsen ging bouwen. Naast de fietsen kwamen er steeds meer Sparta-motoren en brommers; tussen 1958 en 1967 werden er om die reden zelfs helemaal geen fietsen gemaakt. In ‘67 kwam Sparta sterk terug met ‘meegroeifiets’ 8-80 (van 8 tot 80 jaar) en een paar jaar later met de fiets met frame uit één buis. Het zijn bijzondere constructies, net als de latere Spartamet. De fabriek bestaat nog steeds en heeft van eigenwijze modellen haar handelsmerk gemaakt.


Union

unionUnion aan de Dedemsvaart in Den Hulst (nu Nieuwleusen) bouwde sinds 1911 fietsen. Ze boden een breed assortiment degelijke, maar relatief onopvallende fietsen. Wel goed, niet te duur bleek een goed recept voor groei. Echte innovaties waren er dan ook niet, afgezien van de opmerkelijke Strano (1964), die maar twee jaar werd gebouwd. Union volgde de markt en wist het daarmee lang te redden. Nadat begin jaren '70 de laatste nazaten van de oprichters de directie verlieten volgde een lange, onrustige periode van directiewisselingen en negatieve publiciteit, tot de fabriek in 2005 opgeheven werd en alleen de merknaam Union nog overbleef.

 

Meer informatie over deze en veel andere Nederlandse merken vind je ondermeer op rijwiel.net, de website van clublid Herbert Kuner. Ook hier vind je veel zinvolle links.

Vaak vragen mensen: wie is de uitvinder van de fiets? Dat is een lastige vraag, want die is er niet. De fiets is in vijf stappen uitgevonden.

Loopfiets

De eerste stap was de loopfiets, met stuur op het voorwiel. Deze werd in 1817 uitgevonden door de Duitser Baron von Drais zu Sauerbronn. In korte tijd groeide de loopfiets uit tot een rage, die echter net zo snel weer wegzakte.

loopfiets2

Michaux

Daarna was het heel lang stil, tot de Franse wagensmid Michaux in 1862 zo’n loopfiets moest repareren en pedalen aan het voorwiel monteerde. Daarmee was hij niet de eerste, maar wel de eerste die er patent op aanvroeg en de fiets in serie ging maken. Deze fiets, met stalen frame en houten wielen, werd een enorm succes. Rond 1868 werden overal wedstrijden georganiseerd op deze velocipède of boneshaker, zoals hij ook werd genoemd. De fietsen van Michaux waren loodzwaar. Ze hadden nog houten karrenwielen met een ijzeren hoepel er omheen.

michaux2

Hoge bi

De derde grote uitvinding van de fiets was die van de spaken van ijzerdraad. Een licht metalen wiel met dunne spaken was een enorme vooruitgang, het werd in 1869 ontwikkeld door Fransman Eugène Meyer, maar vond vooral opgang in Engeland, dat al snel de leidinggevende natie werd op het gebied van fietsen. De fietsen werden steeds lichter en steeds steviger. Maar, hoe onvoorstelbaar dat nu ook lijkt, er was nog steeds geen geschikte ketting. Dus om harder te kunnen rijden, maakte men het voorwiel steeds groter. Zo ontstond na 1870 de hoge bi, de fiets met een voorwiel tot wel anderhalve meter groot. Qua rijprestaties een wereld van verschil met de massieve Michaux-fietsen.

hoge-bi2

Safety

Het rijden op een hoge bi was niet zonder risico, vooral het gevaar om naar voren te vallen was vrij groot. En het lag voor de hand dat er vroeg of laat iemand zou komen met een fiets met twee kleinere wielen; de veiligheidsfiets of safety. De rijder zit in het midden en het achterwiel wordt met een ketting aangedreven. Eerder waren er al experimenten, maar de eerste safety die commercieel succes had was de Rover, ontworpen door John Kemp Starley. Binnen enkele jaren bouwde elke fabriek safeties en had de hoge bi afgedaan. Rond die tijd (1890-1895) ontwikkelde de safety zich tot een volwaardige fiets. Steeds soepeler lopend, lichter van gewicht en steviger door het diamantframe. De laatste grote uitvinding voor de fiets was die van de luchtband.De hoge bi’s en de safeties waren tot circa 1890 nog voorzien van massieve rubber banden. John Boyd Dunlop nam in 1888 een luchtdichte rubber slang als band voor de fiets van zijn zoontje en perfectioneerde het ontwerp tot de eerste bruikbare luchtband. Omdat het rijden met een luchtband zoveel comfortabeler en sneller ging dan met een massieve band, werden in de daaropvolgende jaren veel nieuwe uitvindingen gedaan. Dunlop werd een grote bandenfabriek, in Frankrijk werd pionierswerk verricht door Michelin, in Italië door Pirelli.

vroege-safety2

Pionierstijd voorbij

Rond 1900 was het ontwerp van de fiets in principe klaar. Natuurlijk kwamen er versnellingen, betere remmen, aluminium frames en dergelijke, maar de echte pionierstijd was voorbij.

 late-safety2